We kunnen weken zonder vast voedsel, maar zonder water kunnen we maar enkele dagen. Daarom is voldoende drinken van belang. Naast water, het basis ingrediënt, hebben we ontelbare varianten in de vormen van koffie, thee, limonade, sapjes, bronwater en dan nog de zogenaamde sterke drank. Allemaal hebben ze door hun toevoegingen hun invloed op het lichaam.

Het lichaam bestaat voor ruim 60% uit water. Dit gaat dagelijkse verloren via urine, uitademing, verdamping via de huid en uitscheiding van de ontlasting. Vochtinname gaat door middel van drinken, maar ook door vast voedsel. Er wordt geschat dat volwassen vrouwen 2,7 liter vocht per dag nodig hebben en volwassen mannen 3,2 liter vocht. Dit komt neer op tussen de 40 en 50ml per kilogram lichaamsgewicht. Kinderen hebben per kilogram iets meer vocht nodig dan volwassen, omdat ze meer verliezen via huid en longen. Bij volwassenen moet zo’n 1,5 tot 2 liter komen uit dranken. De rest komt uit vast voedsel. Groente en fruit bestaan voor on- geveer 80% uit water en brood voor 40%. Het is moeilijk om een exacte aanbeveling te doen, omdat veel factoren de vochtbehoefte beïnvloeden.

Bij zware inspanning, een hoge (omgevings)temperatuur en ziekte is de vochtbehoefte hoger. Bij koorts moet men bijvoorbeeld rekening houden met 10-15% meer vocht per één graad verhoging. Als we vocht tekort hebben dan zullen onze nieren de uitscheiding verminderen. Vochtverlies via de longen en huid daarentegen zal onverminderd doorgaan met ongeveer een liter per dag. Het lichaam zal bij blijvend vochttekort overgaan tot het onttrekken van vocht uit de cellen om het bloedpeil op niveau te houden. De cellen drogen uit en dat noe- men we primaire dehydratie. We worden dan lusteloos, suf, hebben een gebrek aan eetlust, een droge tong en hoeven minder te plassen.

Vooral ouderen mensen hebben een minder dorstgevoel en willen vanwege verminderde mobiliteit ook ’s avonds niets meer drinken, zodat ze niet uit bed hoeven. Bij zuigelingen en kinderen die afhankelijk zijn van anderen voor hun vochtinname vormen een risicogroep.

Als we gaan plassen dan zal door het verminderde vochtgehalte, de urine meer geconcen- treerd zijn en vaak donkerder van kleur. Het is een goede indicatie voor de vochthuishouding. Een belangrijke uitzondering is een overschot aan vitamine B2 (Riboflavine) die de urine don- ker kleurt. Vooral gebruik van een vitamine B-complex of multivitamine preparaat heeft dit verder onschuldige effect. Je hebt dan waarschijnlijk geen vochttekort.

Ook van water kan men teveel binnenkrijgen. Naast de bekende ongemakken zoals een ‘klotsbuik’ en diarree, kun je bij extreme hoeveelheden (10 liter of meer) zelfs vergiftigings- verschijnselen krijgen. Je kunt van elke stof uiteindelijk teveel binnenkrijgen en dat geldt dus ook voor water.

Tips voor in de praktijk

  • Zien doet drinken, zorg dat er altijd een flesje water op tafel staat in je werkomgeving

  • Drink vlak nadat je bent opgestaan gelijk een glas water

  • Drink vlak voordat je gaat slapen een glas water, tijdens het slapen verlies je veel vocht

Wil jij meer leren over jouw voedingspatroon? Neem vrijblijvend contact op voor een gratis proefles.